3. Richard Leeuwenhart en Saladin

Onder constructie

Richard leeuwenhart en Saladin:

Het is inmiddels de 12de eeuw na christus. Jeruzalem is in de handen van de christenen en langs de kust loopt een strook van kruisvaarderstaten en de moslimse wereld heeft nog niks gedaan om het tegen te gaan. De moslimse wereld ligt in verdeeldheid tussen de Soennitische turken en de Fatimiden en er is een constante onduidelijkheid over macht. Tijdens deze periode staat er een nieuwe moslimse held op, zijn naam is Salah al-Din (‘goedheid van het geloof’) zoals hij later genoemd zou worden. Of, zoals hij in de westerse wereld beter bekend staat: Saladin. Saladin was een fanantieke Koerdische soldaat in het leger van de Soennitische leider Nur al-Din Zangi in 1146. Deze kreeg Aleppo en Damascus in handen en ook in Egypte kreeg hij veel macht. Saladin kreeg in 1169 de macht over het Syrische leger en na een serie veroveringen kreeg hij volledige macht en verenigde hij de losse moslim facties en Turkse stammen tot één groot leger.  Hij had mooie geloften gedaan om Jeruzalem te hernemen en iets te doen aan de kruisvaarderstaten, maar tot nu toch had hij ze nog niet ingelost. In 1186 werd hij ziek en balanceerde hij op het randje van de dood. Na drie maanden werd hij toch weer beter. Zijn ziekte had zijn toewijding tot zijn geloof sterk vergroot en hij verklaarde dat het tijd was om zijn beloften waar te maken en op Jihad te gaan en zo Jeruzalem weer in te nemen.
Ondertussen was er een machtswisseling gekomen in Jeruzalem waardoor Guy de Lusignan aan de macht kwam op de troon van Jeruzalem. Ook in zijn nieuwe koninkrijk was er een hoop moeilijkheid over de macht en een zekere Reynald de Châtillon (op wie ik niet te ver in ga) besloot dat de enige manier om de boel bij elkaar te houden was om een directe oorlog te creëren met de moslims. Reynald liet een  Guy de Lusignan een aantal rijke karavanen overvallen die onderweg waren naar Caïro. Aangezien de vorige koning een wapenstilstand met Saladin had geregeld werd deze zo teniet gedaan. Saladin zelf was kwaad dat er zo meedogenloos met zijn volk werd omgegaan en besloot er een einde aan te maken. Dit was precies wat Reynald wilde. 1 + 2

Hattin en Jeruzalem
Toen Saladin dit hoorde was hij razend, hij zwoer dat hij Reynald eigenhandig zou doden als hij ooit in zijn handen zou vallen. Hij richtte een gigantisch leger op van ruim 12.000 professionele cavalerie en ruim 30.000 vrijwilligers. Hij verzamelde zijn leger bij Damascus en trok naar het christelijke Tiberius en op 1 juli 1187 nam hij het in na slechts een uur formeel verzet. Hij wist dat dit weer een reactie zou veroorzaken, en dat was precies wat hij wilde. In eerste instantie raadde de meeste mensen aan om hier niks aan te dien, maar de grootmeesters van de Tempeliers en Reynald de Châtillon eisten actie. Guy trok op vanuit Jaffa met zijn leger en vertrok naar Hattin, boven Tiberius. Saladin laat Hattin innemen en dicht alle locale bronnen, zo marcheert Guy een gebied in zonder water. Guy’s leger droogt uit en vier juli 1187 verplettert Saladin Guy’s leger. Guy zelf blijft leven, maar Reynald word door Saladin in zijn eigen tent vermoord omdat hij niet onder zijn bescherming van gastvrijheid stond. Ladingen gevangenen werden naar Damascus gestuurd en zelfs een deel van het ware kruis werd buit gemaakt.3

Saladin richte zich nu op het vrijwel onverdedigde rijk. Hij nam Acra begin augustus in, Galilea en Jaffa werden ook ingenomen. Tyrus verzette zich niet en werden met rust gelaten, Beiroet niet en wrd onder de voet gelopen. Zo trok hij in september 1187 naar Jeruzalem, binnen tien dagen nam hij de stad in, volgens de geschiedenisboeken zonder bloed te vergieten onder de bevolking. Echter, van andere bronnen, namelijk zijn secretaris Imad al-Din, horen wij andere verhalen. Waarschijnlijk wilde Saladin het liefst een bloedbad zoals voorheen was aangericht onder de islamitische bevolking van Jeruzalem toen de christenen het over namen.  Van Imad zijn geschriften kunnen we opmaken wat hij had gezegd tegen de christenen: ‘Jullie krijgen amnestie noch genade. Onze enige wens is om jullie voor eeuwig te onderwerpen. Wij jullie doden en gevangen nemen. We zullen mannen afslachten en armen en vrouwen tot slaaf maken.’

Een standbeeld van Saladin in Kerak, Jordanië. Hij word nog steeds gezien als held en voorvechter van de Islam.

Een standbeeld van Saladin in Kerak, Jordanië. Hij word nog steeds gezien als held en voorvechter van de Islam.

Saladin kwam pas met mildere voorwaarden toen de christenen in Jeruzalem dreigden met het doden van duizenden islamitische gevangenen en de heilige plaatsen van de moslims te vernietigen. Uiteindelijk liet Saladin hen losgeld betalen voor iedereen, 10 dinar voor de mannen, 5 voor vrouwen en 1 voor elk kind. Dit zou op ongeveer 30.000 dinar komen. Hen die het niet konden betalen werden tot slaaf gemaakt. uiteindelijk liet hij volgens de boeken ook nog een aantal mensen vrij en gaf hij een paar honderd ‘slaven’ aan de hogere heren van de christenen zodat die ze vrij konden laten. Ook gaf hij er duizend aan zijn broer, al-Adil, die bedroefd was om het grootte aantal slaven die zich niet vrij konden kopen. Hij liet hen allemaal vrij. Zelf liet Saladin alle oude mensen vrij, alle mannen van vrijgelaten vrouwen en gaf geschenken aan weduwen en wezen.
Zo ging Saladin de geschiedenisboeken in als de rechtvaardige Jihad stijder, een Islamitische held. 4 + 5

De derde kruistocht en Richard leeuwenhart
De paus, Urbanus III, schijnt zo geschrokken te zijn van het nieuws dat Jeruzalem was gevallen dat zijn hart er mee stopte en abrupt stierf. In de vijftig jaar na de rampzalige tweede kruistocht was er maar weinig animo voor een volgende kruistocht, maar de val van Jeruzalem lag gevoelig in Europa. De nieuwe paus, Gregorius VIII deed een oproep voor actie, die begon als volgt: ‘Wij en onze broeders werden in verwarring gebracht en verslagen door zo’n diep gevoel van afschuw en smart, dat het niet duidelijk was wat wij doen moesten.’ Het feit dat ze verslagen waren werd gezien als een goddelijke straf die recht gezet moest worden door een nieuwe kruistocht. Er werd geacht dat Engeland en Frankrijk ten strijden zouden moeten trekken, gezamenlijk. Terwijl koning Hendrik van Engeland en Philips Augustus van Frankrijk begonnen te kibbelen en Hendriks zoon Richard Leeuwenhart zelfs aan de van Philips nam iemand anders het initiatief al over. Frederik Barbarossa (ook wel bekend als Frederik Roodbaard), de 67 jaar oude keizer van het Heilige Roomse Rijk, besloot alvast op te trekken naar Jeruzalem. Hij vertrok op 11 mei 1189. Echter, hij stuitte al snel op de problemen van de eerste kruisvaarders over land. Er waren te weinig schepen voor zijn machtige en goed uitgeruste leger, dus moest hij dezelfde route nemen als de eerste kruisvaarders. In Anatolië werden ze al veel aangevallen door de Turken waar ze de Turken een aantal nederlagen toedienden. Echter, door een combinatie van constante aanvallen van Turken, hinderlagen, droogte, ondervoeding, hitte, en weinig water zorgde dat zijn leger machtige verliezen leden. De overlevenden bereikten het Taurus gebergte waarna zij afdaalden naar de vallei van de Göksu, een snelstromende rivier. In de hitte van juli kon Barbarossa het niet weerstaan een bad in het verfrissende en koude rivier, hij verdronk… Zijn zoon probeerde de boel bij elkaar te houden, maar tevergeefs. De meeste van zijn overgebleven mannen zijn waarschijnlijk meteen per schip terug gegaan naar Jeruzalem, de rest werd belaagd door een epidemie in Antiochië, daar hebben ze ook Barbarossa zijn rottende lijk (het inmaken in azijn was niet gelukt) moeten begraven. Daar eindigde Barbarossa zijn kruistocht definitief.

Frederik Barbarossa die zijn leven nieuw leven wilde inblazen door op kruistocht te gaan. Hij verdronk echter in Turkije tijdens het zwemmen.

Frederik Barbarossa die zijn leven nieuw leven wilde inblazen door op kruistocht te gaan. Hij verdronk echter in Turkije tijdens het zwemmen.

 

In Engeland kwam Richard aan de macht, hij werd gekroond op 3 september 1189 in Westminster Abey. Hij had mot met zijn eigen familie en bovendien was hij nog eens opgevoed in Frankrijk ook. Zijn vader, koning Hendrik van Engeland, was er op tegen dat hij op kruistocht zou gaan, dus toen hij koning werd na zijn vaders dood had hij zich al toegelegd op de kruistocht. Hij verzamelde een grote hoeveelheid geld en stelde zelfs een nieuwe belasting in het  ‘Saladin-tiende’ om zijn kas voor de kruistocht te spekken. Dit was zeker een onpopulaire belasting. Hij verkocht van alles, zelfs landerijen en posities, om aan financiën te komen. Hij spendeerde ruim 14.000 pond aan de kruistocht, dat was in die tijd meer dan de helft van het jaarlijkse nationale inkomen. Een maand na de dood van Frederic Barbarossa en een jaar na zijn kroning vertrok hij naar Frankrijk en verzamelde zijn leger in Vézelay waar hij zijn leger samenvoegde bij dat van koning Philips van Frankrijk. Ze zouden in plaats van over land te trekken over zee gaan. Hij trok via Marseille naar Genua waar zijn gehuurde schepen lagen, vanuit daar ging hij zuidwaarts naar Sicilië waar hij overwinterde. vanuit daar trokken ze door naar Cyprus. Op Cyprus waren zijn toekomstige vrouw en moeder gestrand met een schip dat overvallen was door de storm. De eigenaar van het eiland Cyprus, een zekere Isaac Ducas Comnenus, had in paniek de mensen op het strand gevangen genomen, waaronder dus Richards aankomende vrouw en moeder. Na een kort beleg, hij werd onthaald als een held aangezien Isaac een Tiran en een schoft was, wist hij Isaac te overtuigen de gevangenen los te laten en ze te financieren. Isaac werd vastgezet en trouwde met Berengaria op 12 mei en vertrokken daarna verder naar Acra waar hij op 8 juni aankwam met vijfentwintig oorlogsgaleien.

 

Richard Leeuwenhart, of ook wel Richard Coeurdelion zoals hij in het Frans heette.

Richard Leeuwenhart, of ook wel Richard Coeurdelion zoals hij in het Frans heette.

Acra
In Acra werd hij wederom als een held ontvangen en ze hoopten dat ze snel Acra konden innemen. Het beleg van Acra had al bijna twee jaar geduurd en dat vonden ze nu toch wel lang genoeg. Verder buiten de stad stonden ook de loopgraven en kampen van Saladin en zijn leger. Door constante toevoer van westerse troepen had hij het beleg van Acre nog niet kunnen breken. Koning Philips van Frankrijk was al gearriveerd, die was op Sicilië al afgebogen toen Richard een omweg maakte naar Cyprus. Het moraal was al beter dan voor Philips zijn aankomst, maar hij bleek geen echte geboren leider te zijn, bovendien leed hij aan een ziekte genaamd arnaldia waardoor zijn haren en vingernagels uitvielen. Richard kreeg zelf een nog ergere aanval van arnaldia en moest de campagne vanuit zijn bed leiden. Hij verzocht om een bijeenkomst met Saladin, maar die weigerde en stelde voor om zijn broer al-Malik al-Adil in zijn plaats te sturen. Saladins eerste hoop was geweest dat het beleg zou vorderen als de aanwezige Europese heren eens zouden gaan kibbelen onderling, zoals Europese zo goed konden. Hij had een goede reden om dit te hopen aangezien er flink wat verschil zat in trouw en steun in Acre. Guy was hier ook in Acra en werd door Richard gesteund terwijl een zekere Coenraad werd gesteund door Philips. Guy en Coenraad hadden een onderling dispuut. De voornaamste reden was dat koningin Sibylla van Jeruzalem en haar beiden dochters tijdens het beleg waren overleden en Guy alleen koning was geweest door zijn huwelijk met haar. Maargoed, dit dispuut kon Acra niet redden voor Saladin. Hij kreeg geen voorraden meer de stad in omdat Richards vloot deze volledig blokkeerde. De stad moest al snel Richards voorwaarden accepteren voor overgavenen op 11 juli capituleerde het Turkse garnizoen. Richard eiste niet alleen de stad op, ook eiste hij 1500 Frankische gevangenen op, 200.000 goudstukken en het stuk van het Ware Kruis wat Saladin in Hattin had buitgemaakt. Saladin kwam pas later achter de voorwaarden, anders had hij nooit ingestemd met deze voorwaarden.
Richard wilde natuurlijk snel door naar Jeruzalem maar er was nog het gedoe over de uitwisseling van gevangenen en losgeld. Saladin zelf kreeg van zijn mannen commentaar dat hij er al te veel had vrijgelaten, zeker omdat deze vrijgelatenen nu ook weer het garnizoen versterkte wat hij net kwijt was geraakt. Richard was het allemaal een beetje beu, en met de eerste de beste haperingen in de onderhandelingen liet hij circa drieduizend moslimse gevangenen afmaken voor de ogen van Saladin en zijn mannen. Onder deze gevangenen waren ook nog eens driehonderd vrouwen en kinderen aanwezig. Daarna verliet Richard op 22 augustus met zijn mannen Acra en ging naar het zuiden richting Jaffa. Zijn mannen hadden duidelijk niet zo’n zin om te gaan aangezien Acra best een levendige en decadente stad was. Zijn leger zou door  vijandig gebied moeten en minder water en voedsel krijgen.  Hij zou zuidwaarts moeten reizen via Haifa, Destroit en Caesarea. Het was een zware tocht, ze werden constant aangevallen in de flanken, maar de kruisvaarders, met de Tempeliers en Hospitaalridders die de voor en achterhoede vormden, marcheerde met ijzeren discipline voort. De vloot van schepen met de voorraden volgde hen langs de kust als een schaduw.7

Slag bij Arsoef en tocht naar Jeruzalem
25 kilometer noordwaarts van Jaffa was Saladin het beu. Op 7 september 1189 lanceerde hij een aanval op de kruisvaarders. Hij probeerde zoveel mogelijk verwarring te creëren, hopen dat de kruisvaarders uit het gelid braken en hen aanvielen zodat ze hen konden omsingelen en neersabelen. De achterhoede kreeg het het zwaarst te verduren. Zij marcheerden achteruit om in gelid te blijven, hospitaalridders verloren hun paarden omdat die niet mee achteruit konden lopen, een schande die ze moesten slikken. Toen werden de moslims zelf plots aangevallen, iets wat ze ondanks hun training hadden moeten zien aankomen. Het was niet van Richards initiatief maar die nam het zelf snel in handen om chaos te voorkomen. Hij creëerde een muur van aanvalles die zich ordelijk terug trok om te zorgen dat ze niet uiteen werden gedreven voordat ze nogmaals aanvielen.  Saladins aanval werd afgeslagen en de kruisridders trokken verder en namen Jaffa in.
Omdat hij nu landinwaarts moest gaan en zijn schepen moest achterlaten werd zijn leger een stuk minder effectief. Daarom besloot hij onderhandelingen te openen met Saladin. Saladins positie was verzwakt, zijn ongeschonden reputatie aangedaan door zijn verliezen. Wederom werd hij verzocht Richard te ontmoeten en wederom stuurde hij zijn broer al-Malik al-Adil. Via al-Adil stuurde hij brieven naar Saladin en onderhield hij contact met hem. ‘De moslims en de Franken bloeden dood, het land is volledig verwoest en aan beiden zijden zijn goederen en levens geofferd. Het is tijd hier een einde aan te maken. De geschilpunten zijn Jeruzalem, het kruis en het land.’ Saladins antwoord was dat Jeruzalem ‘net zozeer van ons als van jullie’ was. Hij herinnerde hen eraan dat Jeruzalem pas recentelijk in de handen van de Franken was gevallen en dat hij het kruis alleen zou overhandigen als hij er iets waardevols voor terug kreeg. Het was in ieder geval een begin van onderhandelingen…
Richard deed toen een opmerkelijk voorstel. Hij zou zijn eigen zuster Johanna uithuwelijken met Saladins broer. Zij zouden Palestina gezamenlijk vanuit Jeruzalem regeren en Richard zou Johanna Acra en Jaffa schenken en Saladin de rest van Palestina aan al-Adil. Dit stond natuurlijk haaks op de idealen af van de kruisvaart. Saladin stemde in met de voorwaarden, volgens zijn biograaf Baha’ ad-Din ‘omdat hij heel goed wist dat het een grap was’.  Natuurlijk was Johanna verafschuwd van dit voorstel en zwoer nooit met een moslim te trouwen. Dus Richard vroeg al-Adil of hij zich wilde christenen. Dit sloeg hij beleefd af en de hele kwestie eindigde met een overvloedig banket van eden van vriendschap, maar zonder verslag.8

In december zette Richard zijn troepen neer bij Jeruzalem, 20 kilometer van de stad af. Het weer was slecht en koud, regen en hagel teisterde zijn troepen. Toch was het moraal hoog nu zo zo dicht bij het einde van hun tocht waren. Echter realiseerde hij zich dat het inmiddels zinloos was geworden om Jeruzalem in te nemen. Er waren te weinig ridders die zich hier wilden vestigen en zodra hij en zijn leger weg waren zou Saladin het ook weer innemen. Feitelijk hoefde Saladin alleen maar achterover te leunen en wachten tot Richard weg ging, was het niet dat Saladin ook aangespoord werd door zijn emirs en adviseurs om NU iets te doen. Richard trok zich terug naar Askelon, een bolwerk wat Saladin had laten ontmantelen. Hij moest zich terug trekken, mede omdat het slechte weer moord was voor de bevoorrading en er was onrust in Frankrijk en Engeland. Zijn broer Jan bedreigde de troon en Philips bedreigde Normandië. Een groep Franken trok terug naar Acra en anderen vertrokken boos naar huis nu zij Jeruzalem niet konden innemen. Richard wilde het liefst een verdrag sluiten met Saladin en eind maart 1190 waren er overeenkomsten. De christenen hielden wat ze hadden veroverd, hadden het recht op bedevaart en mochten priesters in Jeruzalem stationeren. Het heilige kruis zou worden teruggegeven. Als de bolwerken werden ontmanteld, zou zij ook Beiroet krijgen.
Hierna kondigde Richard zijn vertrek aan, zijn broer Jan veroorzaakte steeds meer problemen in Engeland en Philips dus problemen voor Normandië. Echter, de vete tussen Guy en Coenraad ging nog steeds door, en die moest eerst opgelost worden. De ridders en baronnen kozen voor Coenraad, hij zou koning worden en Genua zou monopoly krijgen om met Acra te handelen. Guy kreeg als troostprijs van Richard het koninkrijk van Cyprus. Nog voordat Coenraad gekroond kon worden werd hij op straat neergeslagen door twee Assassijnen. Niemand weet precies hoe en wat de redenen waren en door wie de Assassijnen waren gestuurd. De factiestrijd was voorbij, ondanks de vreemde gebeurtenissen. In ieder geval konden de onderhandelingen tussen Richard en Saladin door gaan. Om druk achter de onderhandelingen te zetten nam hij nog even Daron in, Saladins laatste fort aan de kust. Toen trok hij nog een laatste maal naar Jeruzalem, maar al snel trokken ze weer terug naar de kust. De Franse soldaten vonden het allemaal maar vreemd en Richard verloor steeds meer aanzien bij hen. Toen hij weer onderweg was naar Acra werd Jaffa plots aangevallen door Saladin en de stad gaf zich al snel over. Zijn troepen hadden echter niet meer zoveel zin in vechten en zagen vooral uit naar de plundering van de stad. Saladin liet de christenen de stad uit met hun bezittingen, maar zijn mannen plunderden de stad toch. Hij was hier woedend over en liet wachters bij de poorten plaatsen en nam de buit allemaal weer in.
Richard was niet blij om te horen dat Jaffa was ingenomen en trok met een kleine macht terug over zee naar Jaffa waar ze hoorden dat het Garnizoen nog niet vertrokken was, ook al stond Saladins vlag al boven de poort. Richard voer naar de kust en sprong de branding in met maar een halve wapenuitrusting aan en begon te vechten, zijn mannen volgde hem meteen. Zo’n roekeloze actie was zijn dood geweest, was het niet dat de moslims er niet meer op uit waren te sterven voor Saladins zaak en gewoon weg rende. Richard sloeg kamp op buiten de muren van Jaffa omdat het in de stad te erg stonk naar de lijken die er lagen. Zijn kleine strijdmacht van vierenvijftig strijdbare ridders met slechts vijftien paarden en een paar voetknechten werd een paar dagen later door een overmacht aan cavalerie van Saladin aangevallen. Richard won… Richards kroniekschrijver schreef hierover het volgende:
‘De koning was in de slag een reus en hij was overal in het vecht – soms hier, dan weer daar, overal waar de aanvallen van de Turken het felst waren. Met zijn zwaard, dat flitste als een bliksem, sloeg hij er velen neer; sommigen waren van hun helmen tot hun tanden in tweeën gekliefd, terwijl anderen hun hoofden, armen en andere ledematen verloren, met een enkele houw afgeslagen.’
Een mooie verbeelding van heldhaftigheid , maar niet een beeld van wat er werkelijk is gebeurt. Hoewel de Mammeloeken (slavenkrijgers uit Egypte)hadden aangevallen en waren afgeslagen door de christenen waren de rest van Saladin’s troepen gaan muiten omdat hij hen hun rechtmatige oorlogsbuit had afgenomen. op een bepaald moment van de slag heeft al-Adil Richard zelfs twee nieuwe paarden gezonden toen hij zag dat zijn eigen paard onder hem neerviel. Sommigen verklaren dat al-Adil dit deed op bevel van Saladin, maar waarschijnlijk vond hij het voordeliger om Richard te helpen dan Saladin. Beiden legers waren hun zin in heilige oorlog kwijt en Jeruzalem zou nooit meer door de kruisvaarders worden ingenomen. De steden langs de kust die nog in handen waren van de kruisvaarders bleven in hun handen, deze waren ook het belangrijkste voor de Italiaanse kooplieden en Jeruzalem had gen haven. Na de slag werden zowel Richard als Saladin ziek en beiden waren uitgeput. Saladin stuurde fruit, sneeuw en een arts naar Richard en zij sloten op 2 september 1192 een wapenstilstand voor drie jaar. Zoals gezegd behielden de christenen de kuststrook en ook waren christelijke pelgrims nu vrij om Jeruzalem te bezoeken, vele ridder deden dat ook, maar Richard niet. Op 9 oktober zeilde hij terug naar huis. Hij leed schipbreuk onderweg naar huis en werd hij gedwongen over land te gaan door het gebied van Leopold van Oostenrijk, een ridder wiens banier hij in de gracht van Acra had gegooid tijdens de inname. Hij vermomde zich als tempelridder, maar werd herkend en vastgezet op beschuldiging van moord op Coenraad en werd aan keizer Hendrik VI over geleverd.  Hij werd nog drie jaar gevangen gehouden totdat hij werd vrijgelaten tegen betaling van een enorme som losgeld. Hij vocht nog door tegen zijn vijanden in Europa, hij zou uiteindelijk zijn dood vinden door een kruisboog pijl.
De vermoeide en vernederde Saladin overleed vijf maanden na het vertrek van Richard…9

De derde kruistocht was ten einde, weer veel bloed verspild en weinig bereikt. De christenen zouden nog tot na de kruistocht van Lodewijk IV over de kuststreken regeren, maar hun feitelijke macht die ze hadden gehad met Jeruzalem in handen waren ze kwijt. Maar daar in het volgende stuk meer over.

Ga naar: ‘Het einde van de kruistochten’

Voetnoten:
Voor heel dit stuk geld: Asbridge, T. (2013). Kruistochten: The Clash of Titans. BBC.
(alle paginanummers komen uit Jones, T. Ereira, A. (1994). In het spoor van de Kruisvaarders. Nederlandse uitgaven: Utrecht, Teleac.)
1. p. 158.
2. Asbridge, T. (2013). Kruistochten: The Clash of Titans. BBC.
3. p. 159-160.
4. p. 160-162.
5. Asbridge, T. (2013). Kruistochten: The Clash of Titans. BBC.
6. p. 167-172.
7. p. 186-188.
8. p. 190-193.

Advertenties